Praktijk 2001 & de economie van de beeldende kunst & cultureel ondernemerschap  &  de  gelaagdheid  van  het  kunstenaarschap

Dilemma  of  Mogelijkheid?

economie (de(v.)) [º 1665 huishoudkunde» < Fr. économie of < Lat. oeconomia < Gr. oikonomia (huishoudkunde)] 5 (g.mv.) inrichting, opzet uit een oogpunt van doelmatigheid: economie van de wet.*
kunstenaar
(de(m.); vgl. -enaar; -tje), kunstenares (de(v.)), 1 iem. die het vermogen bezit kunstwerken te scheppen, die een der schone kunsten beoefent, artiest: een kunstenaar geeft altijd zichzelf in zijn /haar werk (Van Deyssel); een kunstenaar  kan geen andere ambitie hebben dan het onvergeetbare werk te creëren (Brouwers).*
kunstwerk (het; -en), 1 zaak die door menselijk vermogen als product van menselijke werkzaamheid tot stand gebracht of vervaardigd is (tgov. zaken die van nature aanwezig zijn); -(ingenieurwezen) werk waarvoor andere materialen dan aarde en zand gebruikt zijn, tgov. grondwerk: bruggen, tunnels, sluizen zijn kunstwerken 2 werk dat met bijzonder vaardigheid tot stand gebracht is; -(veroud.) ben. voor de toestellen die op het toneel natuurverschijnselen nabootsten (thans nog gebruikt in de verb.): (uitdr.) met kunst- en vliegwerk, met allerlei kunstmiddelen 3 voortbrengsel van de een of andere schone kunst, syn. kunstproduct, kunstvoortbrengsel: schilderijen en andere kunstwerken; een  literair kunstwerk.
De context van de kunsthistorie is één van de maatstaven volgens welke kunst en maker op merites beschouwd worden; hier worden beiden in relatie tot de kunst gezet en betekenis gegeven. Momenteel is deze maatstaf niet meer zo toonaangevend als voorheen, de economie van het geld en het ondernemerschap lijken deze plek ingenomen te hebben. Maar, op langere termijn, zal de kunsthistorie het roer wellicht weer over nemen en het verschijnsel de economie van de kunst als fenomeen opnemen in haar gehele context en deze relateren. We zullen zien.

In de huidige opvattingen is het jammer dat de mate van ondernemerschap (nog) te veel alleen gerelateerd wordt aan het begrip verkoop: een onderneming in de kunst. De kunstenaar als galeriehouder (de(m.)), eigenaar, exploitant van een galerie, syn. galerist. Wat is beperkter dan een product dat goed verkoopt en waarvan vervolgens vaak meer van (ongeveer) hetzelfde geproduceerd moet worden om diezelfde verkoop te garanderen. De mate van onderzoek en risico, die juist dynamiek genereert (zo specifiek aan kunst en wetenschap) wordt hiermee teniet gedaan. De betekenis van het woord product loopt volgens van Dale in ieder geval uiteen van een concreet fysiek verschijnsel tot een abstract fenomeen. Juist in deze gelaagdheid onderscheidt zich elk product van kunst.
product
(het; -en) [º1508 ‘uitkomst van een vermenigvuldiging’» <Lat.productum ] 1 (jur., veroud.) in het geding gebracht, voorgelegd stuk 2 voortbrengsel van de al of niet gecultiveerde natuur, syn. vrucht: de producten  van een land; tropische producten; -voortbrengsel van arbeid of nijverheid, syn. handelsartikel:  de afzet der producten; de producten der textielnijverheid; -voortbrengsel van een chemisch of fysiologisch proces: de producten der stofwisseling; -(oneig.) resultaat; -(soms min.) voortbrengsel van de (scheppende) geest of de artistieke vermogens, syn. kunstwerk: letterkundige producten 3 (verzameln.) het geheel van het geproduceerde; totale waarde der productie: dat het bruto maatschappelijk product in het kalenderjaar 1962 zal stijgen tot 570 miljard dollar (NRC) 4 door paring van dieren, m.n. door kruising ontstane afstammeling 5 (min. van pers.) misbaksel: dat is me ook een product 6 (rekenk.) uitkomst van een vermenigvuldiging: een gedurig product, bestaande uit meer dan twee factoren; merkwaardige producten,  inwendig product, rekenkundige bewerking waarmee men kan bepalen of twee vectoren loodrecht op elkaar staan, inproduct.*
Uit de geschiedenis maar ook uit de meest recente ontwikkelingen blijkt dat de beeldend kunstenaar het kunstenaarschap (of beroepspraktijk) ook steeds aangepast en getransformeerd heeft. De taal heeft hier grote invloed op (gehad). Een verscheidenheid aan mogelijkheden is hierdoor verworven die in breder verband (in de maatschappij) ingezet zou kunnen worden. Combinaties van verworvenheden (settings) in een kunstenaarschap leveren verschillende benaderingswijzen op die een bepaalde realisatie (een fysiek of abstract product) bewerkstelligen. Niet eerder was de gelegenheid zo uitgebreid om met kunst en ondernemerschap te experimenteren. Organisaties veranderen, openheid en nieuwsgierigheid zijn te bespeuren en er is behoefte, ruimte en geld.
De kunstenaar als ondernemer (de(m.); vgl. -er, onderneemster (de(v.)), 1 degene die iets onderneemt, die een zaak van enig gewicht op zich neemt, begint: de eerste ondernemers van die zaak verdienen alle lof; de ondernemer van een reuzenarbeid.* Uitgangspunt hierin is: kunst is overal. In dit verband is het een uitdaging, maar ook een taak om de betekenis van kunstenaar en (beeldende) kunst in te zetten. Onderzoek en constateringen leiden tot (beeldende) interpretaties, oplossingen en toepassingen. Door middel van beeld worden communicatie en ontwikkeling op gang gebracht. De kunstenaar als initiator (de(m.); vgl. -ator) [Lat.], 1 initiatiefnemer.* De settings van een kunstenaar worden bepaald door zowel de persoonlijke ervaringswereld als door de infrastructuur en historische context waarin de kunstenaar zich bevindt of begeeft; dit bepaalt de impact van het werk. De hier volgende opsomming, die overigens niet pretendeert volledig te zijn, is op haar beurt context gebonden en is als totaal, maar ook in verschillende combinaties als settings op te vatten. De kunstenaar als schilder, m.(-s), 1 iem. die zijn beroep maakt van het met verf bestrijken van houtwerk en allerlei voorwerpen, ook van het aanbrengn van opschriften en decoraties, verver: de schilders zijn nog in het huis bezig; -2 iem. die de kunst beoefent van met verf voorstellingen te scheppen, kunstschilder: Rubens en Rembrandt zijn onze beroemdste schilders;  een schilder van bloemstukken; -(sterrenk., met hoofdl.) naam van een sterrenbeeld op het zuidelijk halfrond (Pictor); -3 (oneig.) die met woorden iets afbeeldt.* De kunstenaar als beeldhouwer (de(m.); vgl. -er), beeldhouwster (de(v.)), kunstenaar die beelden in hout, steen e.d. maakt, syn. sculpteur. De kunstenaar als graficus (de(m.); vgl. -icus), grafica (de(v.)) 1 grafisch kunstenaar, grafisch ontwerper 2 grafisch vakman. De kunstenaar als architect (de(m.); -en), architecte (de(v.)) [º1553» <Fr. architecte <Lat. architectus <Gr. architekton, van archi- (voornaamste) + tekton (timmerman)] 2 (fig.) ontwerper, uitdenker: de architect van een nieuw socialeverzekeringsstelsel.* Vakkennis wordt doorgegeven. De kunstenaar als leermeester (de (m.)), 1 iem. die anderen leert: Jezus, de grote leermeester 2 iem. die onderricht geeft, al of niet aan een onderwijsinrichting, syn. onderwijzer, leraar, docent 3 iem. die anderen in een vak opleidt, syn. instructeur: (fig.) de natuur is de leermeesteres der kunst; zie natura artis magistra in Aanh. I 4 iem. die in enig vak van kunst of wetenschap volgelingen heeft, in relatie tot deze: Ranke de grote leermester onzer historici. Nieuwere uitingsvormen zijn bijvoorbeeld de meer gepersonifieerde technieken; De kunstenaar als fotograaf (de(m.); vgl. –graaf), fotografe (de(v.)), iem. die (beroepshalve) fotografeert; ook in samenst. als: kunstfotograaf,  architectuurfotograaf, portretfotograaf, theaterfotograaf.* Fotograferen (fotografeerde, h. gefotografeerd), 1 (overg.) door middel van de fotografie afbeelden:een landschap fotograferen; zich laten fotograferen 2 (onoverg.) een foto of foto's maken: fotografeer je? De kunstenaar als performer (de(m.); -s), iem. die een publiek optreden verzorgt, een publieke prestatie levert. In de lijn der ontwikkeling worden de biologische en materiële wereld steeds complexer en de producten van kunst dien overeenkomstig abstracter van aard, meer gerelateerd aan de ideëenwereld en hebben vaak een grootschaliger karakter. De kunstenaar als multimediaontwikkelaar, gebruikt diverse toepassingen/technieken om tot een interactief beeld te komen voor de computeromgeving, hierin zijn beeld, geluid en tekst geïntegreerd.* De kunstenaar als stedenbouwkundige (de(m./v.); vgl. –kundige), deskundige op het gebied van stedenbouw. De kunstenaar als projectmanager (de (m.)), projectleider. De praktijk leert dat, wil een project, ontwikkeling of beweging in gang gezet worden, een infrastructuur als intermediair onontbeerlijk is. Per locatie verschilt de kwaliteit van infrastructuur enorm. Maar al te vaak voeren oude denkbeelden nog de boventoon: kunst is alleen kunst als er 'schilderij' of 'beeldhouwwerk' op  staat. Slechts enkelen (en dat zijn niet de burgers op straat) zijn maar op de hoogte hoe de ontwikkelingen in de kunst gelopen zijn en wat de impact hiervan was; kunst en realiteit blijken in de praktijk vaak vreemden voor elkaar. De kunstenaar als schrijver, gebruikt naast of i.p.v. beeld, taal als uitdrukkingsmiddel (zoals voor dit stuk bijvoorbeeld…); een beeld uitgelegd in taal; een taal uitgelegd in beeld.* De kunstenaar als voorlichter, m., … voorlichtster ,v. (-s), die voorlicht, voorlichting geeft; -het geven van inzicht, informatie,  onderricht, aanwijzing over de kwaliteiten van beeld en de ontwikkelingen in de beeldende kunst en de meer persoonlijke ervaringen in het  métier. Welbeschouwd zou het verbeteren of ontwikkelen van infrastructuur in termen van ondernemerschap op te vatten zijn als een een gat in de markt, de settings van een kunstenaar worden hiervoor ingezet. Zou het hier gaan om voorlichting dan is de kwaliteit hiervan afhankelijk van de kennis, ervaring van/wijze van overdracht door de kunstenaar in kwestie. Het regelmatig werken in tijdelijke werkverbanden kan bijvoorbeeld voor een breed ervaringsscala zorgen, en werkt ontwikkeling in de hand. De kunstenaar als freelancer (de(m.)); -s), freelancester (de (v.)) [ºna 1950» <Eng. free-lancer (lett.: vrije lansier, d.w.z. huursoldaat)], iem. die op freelance basis werkt; de soort werkkring is afhankelijk van de  aanwezige  ‘skills’.* De kunstenaar als deskundige (de (m./v.); vgl. -e), persoon die door beroep of studie in het bijzonder bevoegd is tot het beoordelen van een zaak, syn. expert; ook in samenst. als: atoomdeskundige,  computerdeskundige;eopgedaneeervaringen in diverse segmenten in de maatschappij verschaft de kunstenaar deskundigheden die  ingezet kunnen worden om op één of andere wijze tot beeld te komen.* Zoals blijkt kan het cultureel ondernemerschap op uiteenlopende wijzen vorm krijgen. Maar of deze op iedere plek tot een gezonde onderneming te ontwikkelen is valt nog te bezien. Als het bijvoorbeeld alleen al gaat om de honorering van het inzetten van culturele deskundigheid dan zijn onwetendheid en onkunde slechte raadgevers.
©HeP 12 2000
monumentaal vormgever (bn.; vgl. –aal) [<Fr. monumental], bn. bw., van den aard van of het uiterlijk hebbend van een monument; veelal (maar niet noodzakelijk) in de zin van weids, groots, syn. indrukwekkend: een  monumentale trap; het monumentale karakter van de klassieken; het begrip monumentaal is van innerlijke aard; het kan zich ook in het  kleine manifesteren.*

* ten behoeve van de richting van dit stuk is de vrijheid gepermitteerd om hier alleen die beschrijving te hanteren die ter zake doend was, soms is het een en ander aangepast. Bron: Van Dale, Groot Woordenboek der Nederlandse Taal; Dertiende, herziene druk, 1999